Dag 41

Toen we nog ongeveer een uurtje moesten vliegen kwamen ze met een ontbijtje. Het was niet super groot, maar toch lekker. We begonnen al geleidelijk te dalen en we verlangden allemaal om onze familie en vrienden terug te zien. Na het nemen van onze bagage konden we doorlopen naar de deur die ons naar onze geliefden bracht. Joyce had me gezegd dat ze er niet zou zijn, maar ik wist wel beter. Ze stond er inderdaad wel te wachten.

Na het afscheid nemen van elkaar konden we terug vertrekken naar onze huisjes waar we ons verhaal konden vertellen.

Dag 40

Na het feest en ons slaapje wandelden Jozefien en ik op ons gemak naar huis. Sylvie en Bram vertrokken al naar Chaterine , waar we getrakteerd werden op een middagmaal. Het was heel lekker wat we daar kregen. Het was rijst met currysaus (met bananen en ananas erin).

In Kigali gingen Bram en Sylvie naar het Bourbon-café, maar Jozefien wou nog eens het Lotto-gebouw zien. Na wat uitleg van de man die er werkte, zochten we de andere twee op. Toen was het tijd om naar de guesthouse terug te keren. Sigurd kwam ons om 18u halen om naar de luchthaven te gaan. Hier mochten we mega lang wachten, we moesten door de controles en na enkele probleempjes konden we toch vertrekken. Met meer dan een uur vertraging konden we uiteindelijk opstijgen.

Normaal kreeg je van Kigali naar Nairobi enkel een beetje water en een sandwich, maar omdat één van de stewardessen ons nog kende van de heenvlucht, kregen we alle vier een glas champagne aangeboden. Toen we in Nairobi vertrokken kregen we nog een maaltijd. Slapen zat er niet echt in voor mij, ik heb af en toe wel eens een dutje gedaan, maar dat was het.

Terwijl de anderen rustig in de wolken waren (figuurlijk en letterlijk) ging ik achteraan het vliegtuig een babbeltje slaan met de stewards. Ik heb er toch meer dan 45 minuten geweest. Wat moet je anders gaan doen in een vlucht van 11 uur.

Dag 39

Vandaag hebben we niet zoveel gedaan. We sliepen wat uit en na een ontbijtje trokken we richting ‘Cercle Sportif’. Hier was een plaats waar je heel wat souvenirs kon kopen. Ik had al alles, dus heb ik niet veel meer gekocht, enkel een klein dingetje voor Joyce. Na een uurtje ofzo vertrokken we en kochten nog enkele sandwichen om ’s middags te eten. Toen trokken we richting guesthouse, er was niet veel meer te doen, dus gingen ze wat zonnen. Gezien ik niet zo aan zonnen ben, trok ik alleen naar het centrum waar ik nog wat ingrediënten kocht voor het avondeten.

Tegen 18 uur waren we bij Sigurd verwacht voor een VVOB-drink. We kregen er lekkere sambusa’s en brochetten van geitenvlees. Ook enkele drankjes stonden klaar voor de gasten. Rond 21 uur vonden we het welletjes en zetten onze tocht verder. Het huis ernaast was klaargemaakt voor een groot feest. Dries had ons uitgenodigd om langs te komen en er een leuke avond van te maken. Er was zeker wel 50 man tijdens de hele avond. Het was rond 4 uur 30, eerder 5 uur, tegen dat ik in bed lag.

Dag 38

Deze morgen zijn we niet speciaal vroeg opgestaan, maar als je de gewoonte hebt om vroeg op te staan kun je niet lang blijven liggen. We vertrokken dus om in het centrum nog wat souvenirs te kopen. Tegen de middag moesten we terug zijn, want Sigurd had ons gevraagd of we eens een kijkje wilden nemen naar de computers van het Belgische Lagere schooltje. Deze gingen heel erg traag, dus na het verwijderen van de onnodige programma’s en de tijdelijke bestanden gingen deze al een stuk sneller.

Sigurd nam ons mee voor een drankje in het Serena hotel. We namen een lekkere warme chocolademelk. Voor de eerste keer dat ik terug melk dronk na enkele weken. Hij nam ons ook nog eens mee naar de plaats waar de belgische parra’s gedood werden in ‘94. We kregen er een beetje uitleg over de gebeurtenissen op dat moment.

Terug in de guesthouse waren de meisjes al aangekomen. Ze lagen wat te zonnen en na een babbel begonnen we aan het maken van de spaghetti voor ’s avonds. Hierna zijn we nog wat gaan drinken en gaan slapen.

Dag 37

Toen we opstonden wilden we een lekkere douche nemen, maar dit was weeral niet het geval. Er was altijd iets, of er was geen water of koud water. We hebben maar een paar keer mooi warm en genoeg water gehad, maar daar wen je wel aan. Na het checken van onze bagage gingen we voor de laatste keer te voet naar school. Dit wetende was het een rare tocht daarheen. We kwamen aan en de directeur zei ons dat we de laatste les niet moesten geven. Hij zou dit uur gebruiken om de certificaten uit te delen.

Het eerste lesuur gaven we als herhalingsuur, daarna was het moment aangebroken. De directeur moest vlug nog wat papierwerk in orde brengen samen met ons, waarna we alle leerlingen en leerkrachten in de grote zaal samenbrachten. Na een woordje van de directeur over ons en ons werk in de school konden we beginnen met het uitdelen van de certificaten. Alle leerkrachten riepen één voor één een naam af en die leerling kwam dan vooraan het certificaat halen. Toen iedereen dit gekregen had zei de directeur nog een woordje ter afscheid en was het voor ons tijd om te vertrekken.

We sprongen in de auto richting CSA waar we onze bagage afhaalden en toen reden we door naar Kigali. Daar aangekomen plaatsten we onze koffers in de guesthouse waar we verbleven en reden nog eens langs Sigurd. De directeur nam ons nog mee tijdens een ritje door Kigali waarna we afscheid namen van hem en de chauffeur.

Na het wisselen van onze laatste centjes gingen we naar de guesthouse. We gingen er wat uitrusten waarna we ’s avonds gaan eten zijn naar ‘Chez Robert’.

Volgende Pagina »