Na het feest en ons slaapje wandelden Jozefien en ik op ons gemak naar huis. Sylvie en Bram vertrokken al naar Chaterine , waar we getrakteerd werden op een middagmaal. Het was heel lekker wat we daar kregen. Het was rijst met currysaus (met bananen en ananas erin).
In Kigali gingen Bram en Sylvie naar het Bourbon-café, maar Jozefien wou nog eens het Lotto-gebouw zien. Na wat uitleg van de man die er werkte, zochten we de andere twee op. Toen was het tijd om naar de guesthouse terug te keren. Sigurd kwam ons om 18u halen om naar de luchthaven te gaan. Hier mochten we mega lang wachten, we moesten door de controles en na enkele probleempjes konden we toch vertrekken. Met meer dan een uur vertraging konden we uiteindelijk opstijgen.
Normaal kreeg je van Kigali naar Nairobi enkel een beetje water en een sandwich, maar omdat één van de stewardessen ons nog kende van de heenvlucht, kregen we alle vier een glas champagne aangeboden. Toen we in Nairobi vertrokken kregen we nog een maaltijd. Slapen zat er niet echt in voor mij, ik heb af en toe wel eens een dutje gedaan, maar dat was het.
Terwijl de anderen rustig in de wolken waren (figuurlijk en letterlijk) ging ik achteraan het vliegtuig een babbeltje slaan met de stewards. Ik heb er toch meer dan 45 minuten geweest. Wat moet je anders gaan doen in een vlucht van 11 uur.